Voor een mutatie bij longkanker die al decennia lang niet op behandeling reageert, is er mogelijk eindelijk een medicijn
Voor mensen die werkzaam zijn op het gebied van longkanker was het European Lung Cancer Congress 2026 in Kopenhagen een zeer positieve ervaring.
Er ontstond een beeld van een vakgebied dat daadwerkelijk in beweging is: nieuwe geneesmiddelen die mutaties aanpakken die voorheen als onbehandelbaar werden beschouwd, behandelingen die in de hersenen effect vertonen, en combinaties die resultaten opleveren die enkele jaren geleden nog onwaarschijnlijk zouden hebben geleken. Het gevoel onder clinici, onderzoekers en belangenbehartigers was meer dan alleen maar voorzichtig optimisme.
Een van de meest besproken presentaties van het congres ging over het geneesmiddel setidegrasib, gepresenteerd door dr. Jordi Remon. Jarenlang bleek een specifieke mutatie die bij ongeveer 5% van de longkankers voorkomt – bekend als KRAS G12D – resistent te zijn tegen elke poging om deze direct aan te pakken. Terwijl een verwante mutatie, KRAS G12C, uiteindelijk reageerde op een nieuwe klasse remmers, vormde KRAS G12D een andere structurele uitdaging. Met conventionele geneesmiddelenontwikkeling kon geen voet aan de grond worden gekregen. Patiënten met deze mutatie hadden geen optie voor een gerichte behandeling.
Setidegrasib hanteert een geheel andere aanpak. In plaats van het defecte eiwit te blokkeren, verwijdert het dit. Het geneesmiddel markeert het gemuteerde KRAS G12D-eiwit zodat het door het eigen celmechanisme van het lichaam kan worden afgebroken – in feite is het alsof je de gloeilamp losschroeft in plaats van hem alleen maar uit te schakelen.
Uit de resultaten van de eerste studie bij mensen, die gelijktijdig in het New England Journal of Medicine werden gepubliceerd en op het ELCC-congres werden gepresenteerd, bleek dat bij eerder behandelde patiënten met KRAS G12D-mutante longkanker 36% op het geneesmiddel reageerde. Bijna zes op de tien waren na één jaar nog in leven. De mediane tijd zonder ziekteprogressie bedroeg meer dan acht maanden – bij patiënten die al chemotherapie en immuuntherapie hadden ondergaan en geen behandelingsmogelijkheden meer hadden.
Dit zijn de resultaten van fase 1. Het onderzoek was in de eerste plaats bedoeld om de veiligheid te beoordelen, niet om het geneesmiddel als nieuwe standaardbehandeling vast te stellen, en er zijn grotere onderzoeken nodig voordat setidegrasib in de dagelijkse klinische praktijk kan worden toegepast. De onderzoekers zijn daar duidelijk over, en wij ook. Maar fase 1-resultaten van deze kwaliteit, bij een patiëntengroep waarvoor tot nu toe geen gerichte behandelingsopties beschikbaar waren, zijn veelzeggend. Ze tonen aan dat KRAS G12D behandeld kan worden – en dat verandert het gesprek.
Dat gesprek moet nu in heel Europa plaatsvinden.
Want dit is wat de gegevens uit het eigen onderzoek van Lung Cancer Europe ons laten zien. In het 9e Lung Cancer Europe-rapport, dat in 2024 werd gepubliceerd en gebaseerd is op antwoorden van meer dan 2.000 mensen met longkanker en zorgverleners uit 34 Europese landen, bleek dat 22% van de mensen met longkanker helemaal niet op de hoogte was van biomarkers. Vier op de tien kregen onvoldoende informatie over hun diagnose, behandeling en zorg. Slechts de helft voelde zich sterk betrokken bij de beslissingen over hun eigen behandeling. En de grootste belemmering voor zinvolle participatie was complexe informatie die mensen simpelweg niet konden begrijpen.
Een gerichte behandeling helpt alleen de mensen die weten dat deze bestaat. Ze bereikt alleen patiënten die zijn getest op de mutatie waarop de behandeling is gericht. Ze komt alleen ten goede aan degenen die zich voldoende geïnformeerd en zelfverzekerd voelen om ernaar te vragen, of aan degenen wier zorgverleners de tijd, de middelen en de systemen hebben om hen te identificeren.
Naarmate de precisiegeneeskunde zich verder ontwikkelt, dreigt de kloof tussen wat wetenschappelijk mogelijk is en wat mensen daadwerkelijk krijgen, groter te worden in plaats van kleiner – tenzij de toegang, de informatievoorziening en het testen gelijke tred houden met de wetenschappelijke ontdekkingen.
ELCC 2026 liet zien wat er in het verschiet ligt. Setidegrasib maakt deel uit van een bredere golf van behandelingen die eindelijk mutaties aanpakken waarvoor tot nu toe geen opties bestonden. Dat is echt spannend en het waard om te vieren. Maar het standpunt van Lung Cancer Europe is altijd geweest dat wetenschappelijke vooruitgang zonder rechtvaardige toegang onvolledige vooruitgang is. Vroegtijdige biomarkeronderzoeken, duidelijke informatie en zinvolle betrokkenheid bij behandelingsbeslissingen zijn geen optionele extra's. Zij zorgen ervoor dat een doorbraak in Kopenhagen leidt tot een betere uitkomst voor een patiënt in Boekarest, Riga of Ljubljana.
Nieuw onderzoek dat zojuist is gepubliceerd in npj Precision Oncology biedt meer context. Hoewel KRAS steeds beter met medicijnen te behandelen is, ontdekken wetenschappers dat de mutatiestatus op zichzelf geen voorspeller is van wie op de behandeling zal reageren. Het weefseltype, gelijktijdig voorkomende mutaties en de immuunomgeving rondom de tumor zijn allemaal van invloed op de uitkomsten. De conclusie voor patiënten en voor de Europese gezondheidszorg is dezelfde: uitgebreide biomarkeronderzoeken zijn van belang, niet alleen het testen op één enkele mutatie.
Het landschap verandert. De vraag is nu of de zorgstelsels voor mensen met longkanker in heel Europa mee veranderen.