PERSBERICHT
Voor onmiddellijke publicatie
26 maart 2026

Nieuw onderzoek brengt grote verschillen in geestelijke gezondheid tussen verschillende soorten longkanker aan het licht

Kopenhagen, Denemarken – 26 maart 2026 – Lung Cancer Europe heeft vandaag tijdens het European Lung Cancer Congress 2026 zijn 11e jaarverslag gepresenteerd. Uit dit onderzoek blijken grote verschillen in de ondersteuning op het gebied van geestelijke gezondheid binnen de Europese longkankergemeenschap.

Het rapport van dit jaar biedt een baanbrekende vergelijkende analyse, waaruit blijkt dat het type longkanker en de status van biomarkers een aanzienlijke invloed hebben op de ernst van emotionele problemen en de toegang tot zorg.

De crisis rond de „niet-geteste” en risicovolle subtypes

De crisis onder de ‘niet-geteste’ en risicogroepen: Het rapport wijst op een ernstige ‘straf voor niet-geteste personen’. Deelnemers die geen biomarkeronderzoek hadden ondergaan, rapporteerden over het algemeen de slechtste geestelijke gezondheid. Deze groep scoorde het laagst op ‘goede’ geestelijke gezondheid (44,6%) en ondervond de grootste negatieve gevolgen voor hun werk en financiën (34,6%).

Belangrijkste bevindingen uit het 11e rapport van Lung Cancer Europe:

  • Algemene emotionele belasting: Gemiddeld 89,3% van alle deelnemers ondervond na de diagnose aanzienlijke emotionele problemen.

  • De last van kleincellige longkanker: Patiënten met kleincellige longkanker hebben te maken met grote psychische belasting; 66,2% geeft aan dat dit een negatieve invloed heeft op hun geestelijke gezondheid – een percentage dat hoger ligt dan het algemene gemiddelde van 61,2%.

  • Geografische ongelijkheid: Er bestaat een grote kloof in welzijn over het hele continent. Terwijl deelnemers in Italië, Zwitserland en Denemarken hogere scores op het gebied van geestelijke gezondheid rapporteerden, ondervinden deelnemers in Slovenië, Oekraïne en Griekenland de grootste negatieve psychologische gevolgen.

  • Systeemfout in de ondersteuning: 31% van de respondenten kreeg op geen enkel moment tijdens hun behandeling ondersteuning op het gebied van geestelijke gezondheid. Bij patiënten met kleincellige longkanker is de kloof nog groter: 74,3% werd door hun zorgverlener nooit doorverwezen naar een patiëntenorganisatie.

In de schijnwerpers: longkanker met kleine cellen

In een apart subrapport dat samen met de belangrijkste bevindingen is gepubliceerd, wordt de situatie van de groep patiënten met kleincellige longkanker belicht. Ondanks het feit dat zij te maken hebben met een snelle voortgang van de ziekte, kreeg 59% van de respondenten met kleincellige longkanker geen enkele vorm van psychologische ondersteuning aangeboden.

"Er wordt vaak voorbijgegaan aan de geestelijke gezondheid van mensen met longkanker en hun naasten", zegt Debra Montague, voorzitter van Lung Cancer Europe. "Ons onderzoek naar kleincellige longkanker bevestigt deze structurele tekortkoming: bijna 60% kreeg nooit geestelijke ondersteuning aangeboden, en maar liefst 74,3% werd nooit doorverwezen naar een patiëntenorganisatie voor hulp. We moeten verder kijken dan alleen de behandeling van de lichamelijke ziekte en psychologische zorg integreren als standaardonderdeel van de zorg voor iedereen die door longkanker wordt getroffen."

Oproep tot actie: Lung Cancer Europe roept beleidsmakers en zorgverleners op om:

  • Ondersteuning van het mandaat: Psychosociale zorg integreren in het gehele zorgtraject voor longkanker, met inbegrip van routinematige screening op psychische klachten en tijdige toegang tot evidence-based psychologische zorg.

  • De informatiekloof overbruggen: Geef prioriteit aan duidelijke communicatie over behandelingsopties en het omgaan met bijwerkingen, factoren die door patiënten worden aangemerkt als de belangrijkste factoren voor het verbeteren van de geestelijke gezondheid.

  • Zorg voor doorverwijzingen: Standaardiseer de doorverwijzing naar patiëntenorganisaties en betrouwbare informatiebronnen vanaf het moment van de diagnose.

Opmerkingen voor de redactie

Over het 11e rapport van Lung Cancer Europe

Dit is het elfde rapport in een reeks jaarverslagen van Lung Cancer Europe. Elk rapport gaat in op de praktijkervaringen van mensen met longkanker en hun naasten, met de nadruk op de belemmeringen waarmee zij te maken hebben en hoe de zorgstelsels hierop kunnen inspelen. Dit elfde rapport onderzoekt de psychologische en emotionele gevolgen van longkanker, op basis van reacties van 2.204 personen uit 31 landen. Eerdere rapporten gingen over toegang tot behandeling, vertragingen bij de diagnose, stigma, klinische proeven en kwaliteit van leven.

Over Lung Cancer Europe

Lung Cancer Europe is een overkoepelende organisatie zonder winstoogmerk die belangenorganisaties voor longkankerpatiënten uit heel Europa vertegenwoordigt. De organisatie is in 2013 opgericht en zet zich in om het bewustzijn te vergroten, de ontwikkeling van krachtige belangenbehartiging te ondersteunen en de resultaten voor mensen met longkanker te verbeteren.

Longkanker in Europa

Longkanker blijft de belangrijkste doodsoorzaak door kanker in Europa. Jaarlijks worden er naar schatting 484.306 nieuwe gevallen vastgesteld – ongeveer 11,5 % van alle nieuwe kankerdiagnoses in de regio.

Het is verantwoordelijk voor 375.569 sterfgevallen per jaar – bijna 21% van alle sterfgevallen door kanker in Europa.

(Bron: GLOBOCAN 2022, zie IARC-informatieblad: Luchtpijp, bronchiën en longen)

Hoewel de incidentie bij mannen in veel Europese landen daalt, is deze bij vrouwen gestegen (Bron: Chinmay Jani et al.,“Lung cancer mortality in Europe and the USA between 2000 and 2017”, ERJ Open Research, 2021)

Contactpersoon voor de media

Voor mediavragen, interviewverzoeken of het aanvragen van aanvullend beeldmateriaal kunt u contact opnemen met:

📧 laura.jones@lungcancereurope.eu +44 7973282377

📧 of info@lungcancereurope.eu

🌐 www.lungcancereuropenews.eu